| Geschreven door: Peter Van de Ven
|
||||||||
|
|
Studies in geweldloze politiek - 2007 2007: STAATSHERVORMING DOOR HERFEDERALISERING
Op 3 maart 1999 keurde het Vlaams parlement "5 Vlaamse resoluties" goed, die samen de blauwdruk vormen van een quasi confederale(deel)staat “Vlaanderen”, geformuleerd als: “een fundamentele tweeledigheid op basis van twee deelstaten”. Deze 5 Vlaamse resoluties werden gedurende drie jaar voorbereid in de “Commissie voor Staatshervorming”, ingeleid door de toenmalige minister-president en na debat goedgekeurd in het Vlaams Parlement. Met deze resoluties in de hand trekken Vlaamse partijen als CD&V/N-Va en Sp.a/Spirit naar de volgende communautaire onderhandelingen. De Vlaamse resoluties worden “Vlaamse eisen” die botsen op een Waals “Non”. Omdat de resoluties werden goedgekeurd door het Vlaams Parlement, nemen Vlaams-nationalisten gemakkellijk zinnen in de mond als: “Vlaanderen wil..”, en beroepen zich op het democratisch karakter van hun eisen. “Het Vlaams Parlement, gelet op…” alles behalve de mening van de bevolking. Uit peilingen is immers reeds meermaals gebleken dat de Nederlandstalige gemeenschap van België helemaal geen vervlaamsing wenst. De resoluties zijn het werk van een klein groepje Vlaams-nationalisten en werden goedgekeurd op basis van particratie en van partijtucht. Het resultaat is de eis tot een drastische verandering in de structuur van ons land, tegen de wil van de eigen achterban in. Of, m.a.w., de 5 Vlaamse resoluties zijn een politieke constructie die door de Vlaamse politieke klasse aan de Nederlandstalig-Belgische gemeenschap wordt opgedrongen. Zij zijn eerder een misbruik van kiezersvertrouwen, dan een expressie van een algemeen gevoelen of van een algemene wens. Voor 80 tot 90 % stemmen mensen omwille "trouw aan de ideologie" voor een bepaalde partij, niet omdat ze Vlaamsgezind zijn. De 5 Vlaamse resoluties zijn daarom illegitieme en ondemocratische besluiten. Tot zulke ingrijpende veranderingen in de staatstructuur richting confederalisme of separatisme kan niet besloten worden zonder een volksraadpleging. Wanneer dus het Vlaams Parlement of Vlaamse regering ernstige stappen zetten naar confederalisme zonder zulke volksraadpleging, verliezen zij hun democratische legitimiteit. Stel dat de Vlaamse politieke klasse erin zou slagen de verwezenlijking van deze resoluties af te dwingen, dan hebben we geen Vlaams Parlement meer, maar een Vlaams-nationalistisch Parlement en dito regering. Zulk een Vlaams-nationalistisch en anti-Belgisch bestuur zou onaanvaardbaar zijn voor de Nederlandstalige gemeenschap in ons land, die zich Belgisch voelt, en zou tot een toestand van permanent conflict tussen burger en “Vlaamse” overheid leiden. Zelfs nu denkt de Vlaamse regering al bij tijden aan inhoudelijk nutteloze maatregelen met als enige bron Vlaams-nationalistische profileringsdrang: 70km per uur voor vrachtwagens op de "Vlaamse snelwegen" of het ondertussen beruchte smogalarm tegen roetdeeltjes in de "Vlaamse lucht". Het Vlaams-nationalisme is bron van blijvende onrust en onveiligheid, en op die manier een aanslag op de levenskwaliteit van de burgers. Vlaams-nationalisme is een activisme van een minderheid (nog geen 10% zijn echt separatist, er zijn meer Vlamingen die zich Belg noemen (40%) dan Vlamingen voor wie de Vlaams identiteit prioritair is (30%)), die zo arrogant is dat ze spreekt in naam van de hele referentiegroep. Dat is toch wel bijzonder. Geen enkel syndicaal afgevaardigde kan een standpunt verkopen waar de achterban niet achter staat, een volmacht dient normaal alleen om in de plaats van iemand anders diens wens of wil uit te voeren. Maar Vlaams-nationalisten, die spreken als kleine minderheid in naam van een meerderheid die hen afwijst. In hun activisme maken ze gebruik van de particratie: niet de burger moeten ze overtuigen of manipuleren maar wel hun politieke klasse. De verschuiving naar vervlaamsing van het bestuur voltrekt zich zo door middel van de Vlaamse politieke klasse tegen de wil van de Nederlandstalige burgers in. Vlaams-nationalisme steunt op het beginsel dat homogene delen beter bestuurbaar zijn, en streeft daarom deze homogeniteit na door afscheiding naar buiten en dwang naar binnen. Vlaanderen is er uitsluitend voor “echte Vlamingen”. Vlaams-nationalisme is dan ook een principieel onverdraagzame ideologie die streeft naar etnische, culturele of politiek-economische “zuiverheid”, een ideologie gericht op maatschappelijke homogeniteit gebaseerd op het stereotype van de “echte Vlaming”. Wat de definitie van die “echte Vlaming” moge wezen, daarover zijn de meningen onder Vlaams-nationalisten verdeeld, maar niet over het feit dat zij bestaat en tevens norm is voor alle ingezetenen van het “Vlaamse territorium". De "nieuwe VRT" voorziet zelfs een topmanager die voor de bewaking van de "Vlaamse identiteit" van de omroep bevoegd is en heeft voor de VRT-politieke duidingsprogramma's een ware keuringscommissie voor wie "vrije meningsuiting" een volledig vreemd begrip is, en die ervoor moet zorgen dat alleen voor de VRT "geschikte" of "conforme" meningen het scherm halen. In de Raad van beheer en op de nieuwsdienst van de VRT zetelen verschillende "orangisten" van Sp.a/Spirit-signatuur, terwijl diezelfde Sp.a een "leerplicht Nederlands" wil invoeren. Nederlands is één van de kernpunten van het "Wij, Vlamingen" van CD&V, en de N-VA vindt dat Nederlands-onkundige werklozen geen uitkering waard zijn. Deze Vlaams-nationalisten wijzen multiculturaliteit af en zijn voorstander van monoculturaliteit, ook al noemen zij die soms “interculturaliteit”. Enkele voorbeelden van definities van en door “echte Vlamingen”:
Winstmaximalisatie voor “Vlaamse” bedrijven is één van de belangrijke drijfveren achter Vlaams-nationalisme. Daar hoort de kritiek op “de transfers” bij, maar ook allerlei vormen van lastenverlagingen en aanpassingen die de welvaartstaat ondermijnen: afschaffen van de wedde-anciëniteit , beperking van stakingsrechten, beperken werkloosheidsuitkeringen, verhoging van de pensioenleeftijd, beperking van het aantal ambtenaren, vlaktaks, meer winkelzondagen, … . De sociale staatshervorming van Sp.a/Spirit ligt in diezelfde lijn, maar dan zeer licht sociaal gecorrigeerd. Vlaams-nationalisme beoogt de afbraak van de welvaartstaat, en daarmee samenhangend ook de afbraak van de drager van die welvaartstaat, de Belgische natie. Daartoe doen verschillende scenario’s de ronde, gaande van een eenzijdige “onafhankelijkheidsverklaring” door het Vlaams Parlement, tot het beetje bij beetje afbreken van België volgens het bekende bruistabletmodel, of een combinatie van beide. Hierbij is duidelijk dat een Vlaams Parlement dat zulk een eenzijdige onafhankelijkheidsverklaring zou uitvaardigen, niet langer democratisch gelegitimeerd zou zijn, en tegen de wil van de Nederlandstalig-Belgische gemeenschap zou handelen. Tot het bruistabletmodel behoren meta-politieke handelingen allerlei: het systematisch onder vuur nemen van Belgische instellingen als de Bozar, de Munt, het Rode Kruis, de NMBS, de monarchie, … , en het gebruik van de woorden Vlaams” en “Vlaanderen” bij gevallen waarin eigenlijk “Belgisch” en “België” correct of gepast is. Een verdraagzaam Vlaams-nationalisme bestaat niet, en daarom is ten allen prijze te vermijden dat er ooit en natie komt die op Vlaams-nationalistische leest geschoeid is. Onze natie is België, en grondwettelijke garanties zijn nodig opdat dat zo zou blijven. Een eerste stap daartoe in de staatshervorming van 2007 is het grondwettelijk afbakenen van federale kerntaken die nooit voor regionalisering in aanmerking mogen komen. Ik denk aan justitie, binnenlandse zaken, buitenlandse zaken, gezondheidszorg, welzijn, arbeid. Deze bevoegdheden hangen samen met de identiteit van onze Belgische natie omdat ze aangeven hoe wij omgaan met veiligheid, armoede en welzijn. Een tweede stap is het grondwettelijk vastleggen in de staatshervorming van 2007 van een regionaliseringsdrempel, dwz bepalen welke graad van regionalisering niet mag overschreden worden door een herschikking van bevoegdheden. Daartoe kan aan elke bevoegdheid een “gewicht” toegekend worden, op basis van budget en belang. Daarna kan de som van de gewichten van de geregionaliseerde bevoegdheden afgezet worden tegen het gewicht van de federale bevoegdheden om na te gaan of de regionaliseringsdrempel niet overschreden wordt. Hierbij is het uitgangspunt dat alle bevoegdheden in principe federaal zijn, en alleen geregionaliseerd kunnen worden op basis van een passende motivatie. Residuaire bevoegdheden blijven dus federaal. Een staatshervorming is dus niet langer mogelijk zonder herfederaliseringen. “Van wat ?”, vraagt men dan dikwijls. Wat mij betreft komt voor herfederalisering tijdens de staatshervorming van 2007 in aanmerking: Landbouw, Economie, Ondernemen, Wetenschap, Innovatie, Buitenlandse Handel, Welzijn, Volksgezondheid, Gezin, (Algemene) Cultuur, Jeugd, Sport, Hoger Onderwijs, Buitenlands Beleid, Openbare Werken, Energie, Leefmilieu, Natuur, Sociale Economie, Werk, Gelijke Kansen, Media, Mobiliteit, Stedenbeleid, Toerisme, Brussel En
voor mij kan blijven als gewestelijke bevoegdheden voor “Vlaanderen”:
Minister-president van de Vlaamse Regering, Vice-minister-president van
de Vlaamse Regering, Institutionele Hervormingen, Zeevisserij, Plattelandsbeleid,
(Lager en Middelbaar) Onderwijs, Vorming, Financiën, Begroting, Ruimtelijke
Ordening, Bestuurszaken, Binnenlands Bestuur, Wonen, Inburgering, (Regionale)
Cultuur. Elke
politieke ideologie en elke levensbeschouwing heeft haar humanistische
variante. Er bestaat christenhumanisme, progressieve islam, islamfeminisme,
seculier humanisme, humanistisch liberalisme, sociaal-democratie. Laat
ons dialogen starten binnen elk van deze stromingen over de taalgrens
heen, en daarna tussen de stromingen onderling. Ik stel voor dat we onze
samenhorigheid en eensgezindheid in België vinden in een Belgisch
Humanistisch platform, waarin we dialogen voeren over de
grenzen heen, welke die ook grenzen ook mogen zijn. Lees ook: Liever België,
|
|||||||